Nicolas Gombert - Musae Jovis


Musae Jovis ter maximi
Proles, canora plangite,
Comas cypressus comprimat:
Josquinus ille occidit,
Templorum decus
Et vestrum decus.

Saevera mors et improba,
Quae templa dulcibus sonis
Privat, et aulas principum,
Malum tibi quod imprecer
Tollenti bonos,
Parcenti malis.

Apollo sed neccem tibi
Minatur, heus, mors pessima:
Musas hortatur addere
Et laurum comis
Et aurum comis.

Josquinus (inquit) optimo
Et maximo gratus Jovi,
Triumphat inter caelites
Et dulce carmen concinit,
Templorum decus,
Musarum decus.


Tenor: Circumdederunt me gemitus mortis
Dolores inferni circumdederunt me

[Gerard Avidius]


Muzen, gij kroost van de driewerf
Grote Zeus, zingt uw klaagzangen,
Laat cypres uw haar omkransen:
De grote Josquin is gestorven,
Der kerken sieraad,
En ook uw sieraad.

Gij wrede, boosaardige dood,
Die de kerken van schone klanken
Berooft, en de zalen der vorsten,
Kwaad wens ik u daarom toe, gij
Die de goeden haalt
En de slechten spaart.

Apollo echter dreigt u, zie,
Te doden, ellendige dood:
Hij maant de Muzen Josquins haar met
Meer lauweren te kronen
En meer goud te kronen.

Josquin (zegt hij) is de zeer goede
En grote Zeus welgevallig,
Triomfeert hij de hemelingen.
En laat een lieflijk lied klinken,
Der kerken sieraad,
Der Muzen sieraad.


Tenor: Ik ben omringd door het gekerm des doods
De pijnen van de hel omringen mij

[Dr. Rudy Bremer]