Maurice Duruflé - Quatre motets sur des thèmes Grégoriens


1. Ubi caritas

Ubi caritas et amor, Deus ibi est
Congregavit nos in unum Christi amor.
Exsultemus et in ipso jucundemur.
Timeamus et amemus Deum vivum.
Et ex corde diligamus nos sincero.
Amen.

2. Tota pulchra es

Tota pulchra es, Maria,
et macula originalis non est in te.

Vestimentum tuum candidum quasi nix,
et facies tua sicut sol.

Tu gloria Jerusalem,
tu lætitia Israel,
tu honorificentia populi nostri.

3. Tu es Petrus

Tu es Petrus, et super hanc petram
ædificabo Ecclesiam meam.

4. Tantum ergo

Tantum ergo Sacramentum
Veneremur cernui,
Et antiquum documentum
Novo cedat ritui.
Præstet fides supplementum
Sensuum defectui.

Genitori genitoque
Laus et jubilatio,
Salus, honor, virtus quoque
Sit et benedictio,
Procedenti ab utroque
compar sit laudatio. Amen.

[ liturgisch]


1. Waar ware liefde is

Waar ware liefde is, daar is God.
Christus' liefde heeft ons vereend.
Laat ons juichen en ons in hem verheugen.
Laat ons de levende God vrezen en liefhebben
En met oprecht hart elkaar liefhebben.
Amen.

2. Geheel schoon zijt gij

Geheel schoon zijt gij, Maria
en geen erfsmet rust op U.

Uw gewaad is wit als sneeuw,
en Uw gelaat is als de zon.

Gij, roem van Jeruzalem,
Gij, vreugd van Israel,
Gij, eer van ons volk.

3. Gij zijt Petrus

Gij zijt Petrus en op deze rots
zal ik mijn kerk bouwen.

4. Zo'n groot geheim

Laat ons dus zo'n groot geheim
gebogen vereren,
en het oude voorschrift wijke
voor de nieuwe eredienst.
Het geloof moge aanvullen
waar de zinnen tekort schieten.

Vader en zoon
zij lof en jubelzang,
heil, eer en ook macht
en zegening.
Hij die uit beiden voortkomt
verdient gelijke lof. Amen.

[Ton Rooijmans]